Saar & Suf

Bij Broes wonen ook twee schapen. Ons heerlijke eigenwijze en aanhankelijke bonte Saar, opgegroeid als paplammetje en haar maatje Suf,  een suffolk schaap. 

Daar waar gras is, is ons duo. De voortuin, naast de schuur, bij de paarden of in de knuffelweide.  Zo eten zij het buikje vol en worden bij ons de kantjes geknipt. Mooie samenwerking toch?


Kriebelkont

Het is altijd wat en nooit normaal op een boerderij, dus hoppetaa, na een paar weken hadden we het eerste zieke schaap. Suf lag zielig te zijn, wilde niet meer lopen en eten. Foute boel natuurlijk. Als Rob het staartje optilt zien we de boosdoeners. Ook eigenlijk de klerelijers...haar hele achterkant barst van de maden. Ze krioelen zich een ongeluk en lijken niet tevreden met een rustig plekje; er moet gegeten worden. Echt te vies en zielig tegelijk. Leuk man, een boerderij.

De dierenarts is het met ons eens. Klerebeesten zijn het. Met z'n drieën gaan we het gespuis te lijf. Suf gaat in bad. Er zal een chemisch goedje in zitten want al snel drijven de witte maden dood in het water. Die dierenarts pulkt ze zelfs uit haar schede waar ze op weg waren naar meer vers vlees. Alsof ze weet dat we haar helpen ondergaat Suf het bad ritueel braaf. Na afloop speuren Rob en de dierenarts naar de volhardende exemplaren en krijgt Suf een blauwe achterkant. 

Arme Suf, redelijk uitgeput helpen we haar naar een droge stal waar ze bij mag komen. Saar moet, ter bescherming en voorkoming van dit bezoek, ook in bad. Maar Saar is niet ziek en is het er ook niet mee eens. Maar het moet. Voor de zekerheid. Arme Saar. 

Inmiddels zijn Saar & Suf vrij van maden en maak ik jacht op de groene-vlees-vlieg. Weer eens wat anders dan bloedluizen of een Knut. Want 'er is altijd wat' betekent ook dat je weer iets leert. De jacht is geopend!