Alle instructeurs krijgen hiermee te maken. Lesgeven aan kinderen heeft namelijk de consequentie dat je niet alleen te maken hebt met verwachtingen van kinderen, maar ook van de ouders.

Over van alles en nog wat trouwens. Een pittige klus om daarmee om te gaan, want verwachtingen zijn erg individueel en daardoor lastig te veranderen door een ander.

Kinderen kunnen bijvoorbeeld het idee hebben dat paardrijden alleen maar leuk is. Die paar ritjes op de kinderboerderij met een begeleider ernaast heeft de verwachting gewekt dat het een eitje is, dat paardrijden. En als ze dan eindelijk voor elkaar krijgen dat ze op paardrijden mogen, kan het er op een manege nogal eens anders aan toe gaan. Ai…dat is even doorbijten.

Ouders hebben ook allerlei verwachtingen. Eigen ervaringen met paardrijden of juist helemaal geen ervaring met paarden; het kan beide veel ideeën met zich mee nemen over hoe de paardrijles zou moeten verlopen voor hun kind. Hartstikke lastig in de praktijk, want instructeurs hebben geen toverstokje om verwachtingen om te buigen tot een neutrale houding.

Wil je zo min mogelijk last hebben van verwachtingen, dan is stap 1 beseffen en ook accepteren dat iedereen verwachtingen heeft. Instructeurs bosten namelijk net zo goed tegen iets aan wat in het eigen hoofd zit. Zoals de verwachting dat kinderen nooit piepen, zeuren en lui zijn bijvoorbeeld. Of dat ouders allemaal even goed zijn in het loslaten van hun kind en zich vervolgens nergens meer mee bemoeien.

Stap 2 is het erover hebben. Het delen van verwachtingen (beelden in je hoofd en overtuigingen die jij jezelf hebt verteld) kan begrip opwekken bij de ander. Bovendien kan het ook heel fijn zijn om te merken dat we allemaal wel eens worstelen met teleurstelling omdat je iets anders had bedacht en zelfs voor je had gezien. Relativeren en succesvol worden in falen haalt de druk er een beetje af. Dus kom maar op met die mislukkingen…

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.